donderdag 10 april 2008

Opa was een stervoetballer

Terwijl iedereen deze week de mond vol had over de veelbesproken en ondertussen stopgezette oproep van Tom Waes voor zijn nieuwe Eén-programma Tomtesterom, kreeg een ander relletje aangaande privacy en fotocopyright dicht bij huis veel minder aandacht. Ten onrechte, vindt het Bunkerke. Daarom een kort relaas van de feiten.

Voor de match van mijn voetbalploegje vorige zondagochtend kwam er een persfotograaf langs om een ploegfoto te nemen voor de gazet. Onze keeper vroeg hem achteraf of het mogelijk was de foto door te mailen, zodat we die konden uitvergroten en in ons lokaal ophangen. Dat kon enkel tegen betaling, zo bleek. "Niet erg, we krijgen die foto wel", liet onze goalie zich daarop ontvallen tegen een ploegmaat, waaruit de fotograaf verkeerdelijk concludeerde dat iemand op het bedrijf de foto zou doorspelen aan onze doelman (die enkel van plan was de foto uit de krant in te scannen).

De verontruste 'erkende beroepsfotograaf' stuurde dan maar een mail naar zijn collega's waarin hij erop wees dat zijn foto's niet doorgespeeld mochten worden aan derden en waarin hij ermee dreigde eenieder aan te klagen die dat wel deed - 'ook het inscannen van een foto uit de krant is een schending van het auteursrecht' voegde hij er veiligheidshalve nog aan toe voor het geval onze vermaledijde doelman zulks van plan zou zijn.

Mobiel als ik ben, kan ik mij natuurlijk verplaatsen in het uitgangspunt van de kiekjeskaper, die graag zijn koopkrachtwinning wil beschermen. Maar wie zoals ondergetekende zelf bij de bewuste ploeg voetbalt en op desbetreffende foto staat te blinken ("ei gasten steken we onze truitjes in onze broek of nie?") moet toch wel even grijnslachen bij de onderliggende gedachte, namelijk dat deze foto ooit misschien nog geld kan opleveren.

FC Smoutabol blinkt namelijk vooral uit in het winnen (en vervolgens uitgebreid en rijkelijk besprenkeld vieren van die winst) van Fair Play-bekers (wij het mooi voetbal, dus onze tegenstanders de overwinning, zo fair zijn we wel) in een competitie zonder klassement waar de scheidsrechter vaak een minuut voor het begin van de match uit het schaars aanwezige publiek geloot moet worden.

Stel u een ploegfoto voor van dit team. Veertien mannetjes op twee rijen, braaf maar zelfbewust naar het vogeltje loerend. Links en rechts bovenaan de twee geblesseerden die speciaal meegekomen zijn op verplaatsing om ook op de foto te staan voor de plaatselijke editie van de gazet. Hun benen wit van de zondagse ochtendkou. De zon op hun jonge, nog van de overwinning dromende, koppen.


Over zestig jaar liggen de meesten van hen finaal onder (of in asvorm op) de graszoden - ook de editie van de krant waarin hun foto afgedrukt staat is dan weer compost geworden - wanneer hun kleinzoon op zolder een oude foto terugvindt. "Papa, papa! Is dat opa op de foto?" "Ja hoor, dat is opa." "Amai, zo'n mooie foto!" "Ja, dat is een foto van Marcel Ulloid. Dat was nog eens een erkend beroepsfotograaf." Naaaah. Doe mij maar "ja, opa was een stervoetballer."

De match eindigde overigens op een veel te ruime overwinning voor de tegenstander. Het eerste kwartier was helemaal voor Smoutabol, nog zodanig content dat we op de foto mochten dat we eventjes vergaten dat we daar eigenlijk stonden om onze tegenstander de overwinning te gunnen. Daarna hebben we ons enkele keren laten ringeloren op de tegenaanval om de zaak weer recht te trekken.

Van paparazzi geen last gehad, gelukkig.

vrijdag 4 april 2008

Allemaal Sammy

Er viel weer wat af te lachen op radio en televisie de afgelopen week. Niet alleen op 1 april (zie mijn vorige postje), maar ook op woensdagavond op VT4 bij FC Nerds. 'Geen uitlachtelevisie', zo bezweerden de makers ons vooraf, maar anderzijds werd - ten behoeve van wie uit zichzelf geen leukigheid weet te verzinnen wanneer Sammy een volgende keer zijn kansen waagt op de lokale KLJ-fuif - subtielweg dit liedje van Ramses Shaffy gemonteerd onder het fragment waarin hij er maar niet in slaagt de bal te drijven en ondertussen de rest van het speelveld te overschouwen. 'Kijk omhoog Sammy', jawel.

Al doen we hiermee natuurlijk het educatieve element van dit programma onrecht aan. Wie zich ooit al eens afgevraagd heeft hoe zestien sportanalfabeten zonder noemenswaardig overschot aan fysiek uithoudingsvermogen het zouden doen op een voetbalveld (en wie heeft zich dit niet al eens afgevraagd? - moeha) kan uit dit programma immers lering trekken voor een scriptie dienaangaande - al dreigen de conclusies weinig verrassingen te bevatten. Mijn gemoed swingt voorlopig tussen 'medelijden' en 'zelf gezocht', Sammy.

Een veel leuker idee en wél een originele format: laat een presentator los op vijf mysterieuze gasten die hij pas op het moment zelf voor het eerst ziet of leert kennen. De naam: Het programma van Wim Helsen. Vorige vrijdag zo hard gelachen dat ik Wim Helsen van opgezet spel begon te verdenken. Klopt de premisse dat hij zijn gasten vooraf niet kent wel helemaal? De betrokkenheid van regisseur Jan Eelen (zie ook: In De Gloria) voedt natuurlijk de twijfels dienaangaande. In beide gevallen (opgezet spel of niet) is het goed gedaan, dat staat vast. Had helemaal niet misstaan op Eén, overigens.

En ja, vorige week heb ik ook hard gelachen tijdens het optreden van deze groep uit Oostende met de toepasselijke doch poëtische naam Preuteleute tijdens de festiviteiten naar aanleiding van de onafhankelijkheidsverklaring van Gent. Met een voorbinddildo en bloedserieuze blik in de ogen op het ritme van een discodreun een refrein met de woorden 'dikke tettn, dikke billn, dikke lippn' op een vol Sint-Jacobsplein loslaten: het vergt enige durf en ik had nooit gedacht dat ik mijn hart nog zo zou ophalen aan dergelijk studentikoos amusement. Ongetwijfeld iets voor Het Programma Van Punkerke.

De ijzersterke tekst kan overigens nog van pas komen tijdens 'Kilo's op de Catwalk', het VT4-programma dat ons dit najaar zal leren hoe dames met het nodige overgewicht het ervan afbrengen op de modeloper.

En zo worden we vroeg of laat Allemaal Sammy.

dinsdag 1 april 2008

Kippenmoord

Vroeger, ja vroeger, toen was 1 april nog grappig. Ik herinner mij nog levendig hoe ik bewondering afdwong bij mijn klasgenootjes door op 10-jarige leeftijd voor het begin van de les de klas binnen te sluipen en aprilvisjes te tekenen op het bord van Meester Dewulf. Wie ook ooit les gekregen heeft van Meester Dewulf beseft vast waarom ik hiermee zoveel ontzag oogstte. Tegenwoordig is 1 april echter een dag als een andere. Of zijn alle andere dagen een beetje 1 april, het is maar hoe je het bekijkt. Goed, vanmorgen was er op de radio wel die nep-oproep om dode insecten in te leveren teneinde een feestmaal aan te richten (moehaha, we lachen toch wat af met die vrt-nieuwsdienst), maar anderzijds: tegenwoordig hebben ze ons elke week wel een keer of acht liggen. Neem nu de frontpagina's van de zaterdagkranten van twee weken geleden (21 maart), die met veel poeha verkondigden dat studenten burgerlijk ingenieur een hoger IQ hadden dan pakweg studenten pedagogie. Als het geen paasweekend geweest was, hadden we vast niet tot de dinsdag erop moeten wachten om de verontwaardigde reactie te horen van de wetenschapper die het onderzoek geleid had: Het ging helemaal niet om een IQ-test, maar om een test over wetenschappelijke kennis, en die nuance hadden de kranten straal genegeerd. "Oeps, foutje, maar goed: ondertussen had onze zaterdageditie maar mooi een vette oplage," moeten ze onder andere bij De Standaard en De Tijd gedacht hebben. Ondertussen had ik -op familieweekend zijnde- wel een heel weekend de hoon van mijn broer-ingenieur over mij heen moeten laten gaan. Daar zit vast een schadeclaim in!

Vandaag kwam de nuancering gelukkig sneller: In het ochtendnieuws en op de voorpagina's luidde het nog dat scharreleieren drie tot vijf maal meer dioxines bevatten dan legbatterijeieren en dat dit serieuze gezondheidsrisico's kon met zich meebrengen. De eerste berichten over zelfmoordpogingen door middel van een overdosis aan scharreleieren liepen al binnen en mijn grootouders hadden al bezorgd naar nonkel Theo gebeld, die de kippen stante pede zou komen afmaken. Gelukkig kwam tegen de middag iemand op de radio namens Coda melden dat het allemaal wat overdreven werd en dat je geen gevaar loopt zolang je maar niet te veel eieren eet en zorgt voor een evenwichtig voedingspatroon. Mijn oma zo rap mogelijk naar nonkel Theo, maar die was al aan het slachten. Slechts een oude soepkip en een seniele haan ('vrouwen maar vooral kinderen eerst' moet nonkel Theo gedacht hebben) zijn de dodendans ontsprongen. Maar denk je dat de kranten morgen openen met 'kippenmoord na hysterische berichtgeving over dioxine-eieren'? Ho maar!

Neen, 1 april is echt niet meer grappig. Nog even en 'een Wouter Deprezke doen' is alledaagse kost. Behoudens tegenbericht, dat spreekt.